.            

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In dit hoofdstuk vertel ik iets over het nut van opvoedingsondersteuning en de rol van de tienerwerker daarin. Ook ga ik in op de vraag of je samen zou kunnen werken met andere organisaties in deze ondersteuning. Kun je als tienercentrum met deze samenwerking ook de ouders bereiken?

 

 

Wat kan het nut zijn van opvoedingsondersteuning?

 

In de praktijk heb ik het volgende meegemaakt: Karel van 3 jaar spuugt en slaat naar andere kinderen. Een professionele opvoeder zegt regelmatig tegen hem: “jij bent stout, ik vind je heel stout, ga maar eens op die stoel zitten en je komt er de eerste 10 minuten niet meer vanaf!“. Nadat Karel tien minuten op de stoel gezeten heeft moet hij nog verplicht een knuffel geven aan deze opvoeder. Een kind van 3 jaar ervaart dit als zijnde dat hij een stout kind is en dat hij niet lief gevonden wordt. De tijd dat Karel op de stoel moet zitten is voor een kind van drie een eeuwigheid waardoor het effect van de straf negatief is. Waarom zou dit kind het goed doen als hij toch stout gevonden wordt, tenslotte krijgt hij in ieder geval aandacht als hij stoute dingen doet. De knuffel die hij nadien aan de opvoeder moet geven komt natuurlijk niet van harte, het kindje is op dat moment boos op de opvoeder, dat zouden wij als volwassenen toch ook zijn?.

 

Kinderen zijn niet helemaal slecht, ze doen dingen die fout zijn, waar ze iets van zouden kunnen leren. Als je van jongs af aan negatieve aandacht hebt gekregen dan is het goed voor te stellen dat je op latere leeftijd nog steeds “lastig” bent en dingen doet die deze negatieve aandacht oproept. Het voorbeeld van Karel staat helaas niet op zichzelf, ik kan meerdere voorbeelden opnoemen. Als professionele opvoeders het al moeilijk vinden om met de “lastige” kinderen om te gaan, dan is het heel logisch dat de ouders dit extreem moeilijk zullen vinden en hulp hierin zouden kunnen gebruiken in de vorm van bijvoorbeeld opvoedingondersteuning.

 

Het is in de praktijk niet eenvoudig voor ouders om de tieners goed op te voeden. Ouders voelen zich vaak onzeker bij de opvoeding, zeker als ze puberende tieners in hun gezin hebben. Veel ouders weten niet meer hoe je met pubers om moet gaan, daarom kun je zeggen: “Wat de ene ouder weet, kan de andere ouder helpen.” Je zou bijvoorbeeld een ouderavond kunnen organiseren die verschillende ouders samen brengt. Je zou ook kunnen denken aan opvoedingsondersteuning samen met andere instanties. Een ruimte waar opvoedings-ondersteuning en ruimte voor de diverse ondersteunende organisaties zoals de jeugdhulpverlening is.

 

De opvoedingsondersteuning zou zich kunnen richten op de “normale”opvoeding die de ouders extra steun kan geven in het opvoeden van hun puber. Meedenken met de ouders over problemen over de opvoeding en samen een oplossing bedenken zou erg bevredigend kunnen zijn. Ook kan er aandacht besteed worden voor de “speciale tieners” die vaak problemen  hebben op school, thuis of in de maatschappij.

 

  • Als kinderen gepest worden op school kan er samen met de betreffende school en de tieneropvang gesproken worden over een oplossing. Ook zal er extra aandacht kunnen worden besteed aan het zelfvertrouwen van deze tiener omdat deze kinderen vaak een slecht zelfvertrouwen hebben, ook hier kan een rol weggelegt zijn voor de tieneropvang.

  • (Van de leerlingen in het voortgezet onderwijs (klas 2 en 4) meldt dertig procent dat ze niet worden gepest. Twee procent wordt meer dan één keer per week gepest. Een klein gedeelte van de jongeren vertelt aan een docent dat hij of zij is gepest. De leerkrachten grijpen niet vaak in als er wordt gepest. Ruim twintig procent van de jongeren in het voortgezet onderwijs probeert een gepest kind te helpen. Twee keer zoveel jongeren vinden dat ze eigenlijk zouden moeten helpen, maar doen het niet. Dit blijkt uit een landelijk onderzoek uit 1991. Bron: www.sjn.nl/pesten   Kinderen Pesten Kinderen)


  • Veel tieners hebben geleerd dat je volwassenen moet vertrouwen en dat deze meestal gelijk hebben. Tieners moeten ook leren dat er genoeg volwassenen zijn die ongelijk hebben of zelfs slecht zijn. Tieners voelen dit wel, maar het wordt vaak niet bevestigt door volwassenen omdat ze vaak ten onrechte denken dat ze dan hun gezag kwijt raken. Door bij de tieneropvang informatie te geven en te discussiëren kunnen de tieners hierover een eigen mening vormen.

  • Tieners met psychische stoornissen komen ook bij de tieneropvang. Zoals tieners met een stemmingsstoornis als depressie, tieners met angststoornissen, tieners met gedragsstoornissen zoals ADHD, tieners met ontwikkelingsstoornissen. Tieners zijn gevoelig voor druk van de tienercultuur om alcohol en/of drugs te gebruiken. Er zal daarom aandacht besteed moeten worden aan overmatig gebruik van alcohol en drugs. Tieners zien voorbeelden op televisie en in bladen, de trend is dat iedereen slank moet zijn, eetstoornissen zoals anorexia en boulimia komen dan vaak om de hoek kijken. Deze tieners hebben daarbij ook een tekort aan zelfvertrouwen. Ook hier kan de tieneropvang een rol spelen door de juiste voorlichting te geven in de vorm van gesprekken.


    (Ongeveer een op vijf kinderen en adolescenten vertoont gedurende een jaar tekenen en symptomen van een psychische aandoening, maar slechts ongeveer 5% heeft wat artsen omschrijven als een 'extreme functiebeperking'. Kinderen kunnen lijden aan wat veel mensen beschouwen als volwassen psychische aandoeningen, zoals depressie en angst. Andere psychische problemen die tijdens de jeugd voorkomen, zijn onder meer ontwikkelingsstoornissen, zoals autisme, en gedragsstoornissen, zoals aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (ADHD) en ontwikkelingsstoornis. Bron: http://psychiatrie.be  wegwijs in de psychiatrie, psychiatrie bij kinderen)


  • Aandacht zal er besteed kunnen worden aan het aangaan van relaties, het zoeken naar een geschikte partner begint op deze leeftijd. De verliefdheden zijn soms erg heftig, de hormonen zijn op deze leeftijd erg actief. Voorlichting, niet alleen over voorbehoedsmiddelen, maar ook over hoe je een relatie aan kunt gaan met respect voor elkaar zodat tieners met vertrouwen de toekomst in kunnen gaan is hierbij nodig. De tieneropvang is dan bij uitstek de plaats om hierover op een ontspannen manier te praten.

  • Er zou aandacht kunnen komen voor tieners die geen goede opvoeding krijgen. Stel dat er ouders zijn die hun kinderen niet goed kunnen opvoeden (denk bijvoorbeeld aan verwaarlozing of mishandeling).


    (Bij de politie worden jaarlijks meer dan 50.000 incidenten van huiselijk geweld gemeld, het werkelijke aantal ligt vermoedelijk veel hoger. Bron: Website VNG, Conceptwetsvoorstel huisverbod bij huiselijk geweld, 22 juni 2005).


    Als deze ouders voor de keuze komen te staan van de mogelijkheden hieronder, welke zouden ze dan kiezen?


    1e Ouders vertellen dat ze het al die tijd verkeerd deden en ze daarna pas de gereedschappen aan reiken om het op een goede manier te leren. (ouders worden pas naar de jeugdhulpverlening verwezen als het helemaal mis is gegaan)

    2e Op tienerleeftijd leren hoe je op kunt voeden zodat iedereen de keuze heeft om uit de visueuse cirkel te komen van mishandelingen en verwaarlozing.


    Ik vermoed dat de ouders zouden willen kiezen voor de 2e optie omdat bijna iedere ouder van hun kind houdt en hun kind zo goed mogelijk probeert op te voeden. Geen enkele ouder wil hun kind bewust mishandelen of verwaarlozen. Vaak hebben deze ouders niet geleerd om op een goede manier op te voeden omdat ze zelf ook uit een gezin komen waar verwaarlozing of mishandeling aan de orde was.


  • De tienerwerker zou signalen op kunnen vangen en daarna advies kunnen vragen aan de samenwerkingspartners of de problemen doorspelen aan betreffende instanties.

Over verkeerde opvoedingsmethoden praten is nog een groot taboe dat ik graag wil doorbreken. Omdat veel mensen de kop in het zand steken en ze kinderen als het ware een bord voor hun kop zetten met daarop het woord “Lastig” wordt er geen actie ondernomen als het fout dreigt te gaan. Iedereen is bang om zich met het betreffende gezin te bemoeien, dus wordt er maar niets gedaan terwijl de kinderen vooral erkenning en liefde nodig hebben met de nodige complimenten. Ouders en kinderen willen graag met respect aangesproken worden. Ik vermoed dat als je op tijd de problemen ziet, je nog veel kunt bereiken met een positieve opvoedingsmethode, zonder dat je moet doorverwijzen naar de jeugdhulpverlening. Je zou dan wel een systeem op moeten zetten om deze problemen op tijd op te merken zoals het hierboven genoemde samenwerkingsverband met verschillende instellingen.

De tieneropvang zou kunnen proberen om verschillende vormen van opvoeding als onderwerp van gesprek te maken zodat de tieners later een goede keuze kunnen maken in opvoedingsmethoden. Omdat het vaak om tieners gaat die opvallen in hun gedrag ( zoals agressie en overlast) is het nodig om deze jongeren te helpen en hierbij zouden ouders ook een rol kunnen spelen.

Hieronder een schema zoals het zou kunnen:

  • Tieners voorlichten over verschillende vormen van opvoeding
  • Ouders mee laten denken ► Empowerment
  • Zowel tieners als ouders aan het denken zetten over de situatie thuis (kan het beter?)


Tieners zijn flexibel, ze kunnen nog veel leren voor ze zelf een gezin vormen en aan kinderen beginnen. Vaak hebben tieners, die uit een gezin komen waar het niet zo goed gaat, veel liefde, rust, regelmaat en structuur nodig. Ook het duidelijk maken dat hun ouders van hun kinderen houden is belangrijk. Soms is uitleggen dat hun ouders in moeilijke omstandigheden verkeren een uitkomst.

 

Je kunt de tieners uitleggen dat het voor ouders erg moeilijk is om hun kinderen los te laten. Tieners willen graag veel vrijheden zoals uitgaan wanneer ze willen, ’s avonds laat thuis komen enz. ouders hebben het daar erg moeilijk mee omdat ze nog niet de ervaring of de zekerheid hebben dat alles goed gaat. Ouders zijn vaak bang dat hun kind iets overkomt als ze uit het zicht zijn.

 

Opvoeden is erg moeilijk, zeker als een of  beide ouders geen goede opvoeding hebben gehad. Begrip naar de ouders toe is dan ook op z’n plaats. Met opvoedingsondersteuning is het belangrijk dat zowel de ouder als de tieners begrip krijgen voor elkaars problemen.

 

Vaak zie je bij tieners dat ze onzeker zijn en krijgen ze te horen dat ze niet deugen, of alles fout doen. Alle kinderen hebben positieve aandacht nodig, zoals complimenteren als het goed gaat. Het is niet verstandig om tegen tieners te zeggen dat ze niet deugen, alleen de dingen die fout gaan benoem je met de mededeling dat dit nog enige aandacht nodig heeft en dat ze dit in de toekomst wel onder de knie krijgen. Geef tieners geduld en zelfvertrouwen, dat is erg belangrijk, haal het goede uit de persoon, steek hier extra energie in. Als een kind alleen hoort wat hij fout doet, dan gelooft hij dat hij niet deugd, zo kan hij de conclusie trekken “als ik het toch nooit goed kan doen, dan doe ik alles maar bewust fout, zo krijg ik in ieder geval aandacht”. Als je met tieners, ouders of samenwerkingsorganisaties spreekt zou dit een van de onderwerpen kunnen zijn.

 

Het zou de gemeenschap veel geld kunnen besparen als ouders vaker naar een punt van opvoedingsondersteuning gingen. De wachtlijsten in de jeugdhulpverlening zouden aanzienlijk korter kunnen worden als het mogelijk zou zijn om ouders die het moeilijk vinden om op te voeden naar zulke instantie zouden komen. Het uitvinden hoe je bepaalde ouders naar opvoedingsondersteuning kunt krijgen zou een taak kunnen zijn van de diverse organisaties. Een idee is om deze ouders een flyer met daarop de voordelen van opvoedingsondersteuning en een uitnodiging voor een vrijblijvende kennismaking te sturen. Op de envelop zou kunnen komen te staan “Aan de bewoners van dit adres” met daaronder de juiste adresgegevens. Het voordeel van deze aanpak zou kunnen zijn dat de ouders niet het idee hebben dat ze specifiek gevraagd worden om naar opvoedingondersteuning te komen, ze krijgen het idee dat ze, als ze al gaan, vrijwillig en uit eigen beweging gaan.

 

 

 

Waar kunnen wij mensen vinden, die grotere weldaden van anderen hebben genoten, dan kinderen van hun ouders?

Socrates, Wijsgeer.

 

 

 

Men zal als tienerwerker naast de ouders moeten staan om het beste uit de tieners te halen.

 

Tot slot

 

In dit hoofdstuk heb ik een beknopt voorbeeld gegeven over een tieneropvang die samenwerkt met diverse instanties om ouders en tieners te steunen in de opvoeding. Dat deze ondersteuning grote voordelen kan hebben voor de tieners en hun ouders zodat er meer begrip komt voor elkaar. De samenwerking met verschillende instanties heeft als voordeel dat ouders de stap naar opvoedingsondersteuning niet zo groot achten. Het is tenslotte voor de ouders  niet gemakkelijk om voor puberende tieners te zorgen, een beetje hulp is voor hen zeer op z’n plaats. Men kan problemen niet voorkomen maar je kunt wel de nodige steun bieden.

 

 

 

Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: Beschrijving: D:\My Web Sites\mysite\Files\Tieneropvang\Tieneropvang een nieuw concept\Graphics\pijl.gif